Wordt je huis niet goed warm terwijl de verwarming aanstaat, dan ligt het meestal aan één van vier dingen: een instelling op je thermostaat of ketel, lucht of te weinig druk in de installatie, warm water dat ongelijk over je radiatoren wordt verdeeld, of een huis dat warmte sneller verliest dan je verwarming kan aanvullen. De eerste twee los je vaak zelf op. Voor de laatste twee heb je een monteur of een isolatieplan nodig. Loop ze in deze volgorde na.
De thermostaat is het brein van je verwarming. Klopt daar iets niet, dan krijgt je cv-ketel of warmtepomp het verkeerde signaal.
Zakt de waterdruk van je cv-ketel onder de 1 bar, dan komt er te weinig warm water bij je radiatoren. Bij een koude installatie hoort de druk tussen ongeveer 1,5 en 2 bar te staan. Klokt het in je radiatoren of zijn ze bovenin koud, dan zit er lucht in het systeem.
Hoe je bijvult en ontlucht, lees je stap voor stap in cv-ketel aanzetten na de zomer. Moet je vaker dan een paar keer per jaar bijvullen, dan lekt er ergens water weg. Laat een monteur dat nakijken.
Heb je de afgelopen jaren de temperatuur van het verwarmingswater op je cv-ketel verlaagd om gas te besparen? Milieu Centraal adviseert 50 of 60 graden, en dat werkt in veel woningen prima. In een huis met minder isolatie of kleine radiatoren kan het op een koude dag net te weinig zijn.
Merk je dat je huis vooral bij vorst achterblijft, dan is dit de eerste instelling om naar te kijken. Veel moderne ketels kunnen met een buitenvoeler weersafhankelijk werken: bij een lage buitentemperatuur gaat het verwarmingswater dan vanzelf omhoog. Die instelling heet de stooklijn. Een monteur kan hem op je woning afstemmen, zodat je in de herfst zuinig stookt en in de winter warm blijft.
Dan is de kans groot dat het warme water ongelijk verdeeld wordt. Water kiest de kortste weg. De radiatoren dicht bij de ketel krijgen veel warm water, die op zolder of aan het eind van de leiding te weinig.
De oplossing heet waterzijdig inregelen. Een monteur stelt dan per radiator in hoeveel water erdoor mag stromen, zodat elke kamer zijn deel krijgt. Daarvoor heeft elke radiator een inregelventiel nodig. Oudere installaties missen die soms, en dan komen ze erbij.
Blijft één kamer koud terwijl de verdeling klopt, kijk dan naar de radiator zelf. Na een verbouwing of in een uitbouw is die soms te klein voor de ruimte.
Draait je verwarming vrijwel onafgebroken en blijft het toch koel, dan gaat er meer warmte verloren dan je installatie kan aanvullen. Tocht bij deuren en kozijnen, enkel glas en een ongeïsoleerde vloer of dak zijn de gebruikelijke boosdoeners.
Kieren dichten kun je zelf. De 7 checks voordat het stookseizoen begint helpen je om de lekken te vinden. Voor grotere stappen lees je eerst isoleren of eerst een warmtepomp.
Een warmtepomp werkt anders dan een cv-ketel, en dat voelt in het begin soms alsof hij het niet goed doet.
Hoe een warmtepomp met vorst omgaat, lees je in warmtepomp bij vorst. Waarom hij dan meer stroom gebruikt, staat in waarom je warmtepomp in de winter meer stroom gebruikt.
Een deel doe je zelf. Bel een monteur als:
Ruik je gas of zie je roetplekken rond de ketel, zet hem dan uit, zet ramen open en bel direct.
Een huis dat niet warm wordt, heeft bijna altijd een aanwijsbare oorzaak. Stemper installeert en onderhoudt cv-ketels, warmtepompen en airco's, en we kijken naar het hele plaatje: de instellingen, de verdeling over je radiatoren en de woning zelf. Tijdens onderhoud en service stellen we je toestel ook af op je huis.
Speelt het probleem bij een oude ketel, dan zeggen we het ook als repareren niet meer loont. Twijfel je waar het aan ligt? Vraag online advies aan of bel ons.
Snel weer op temperatuur.
Veelgestelde vragen als je huis niet warm wordt